De verkeersbelasting: werking van het systeem
Al ruim meer dan een decennium is de verkeersbelasting, ooit een federale bevoegdheid, uitgegroeid tot een regionale aangelegenheid in België. Deze decentralisatie brengt zowel uitdagingen als verplichtingen met zich mee, vooral voor transportondernemingen die actief zijn in Vlaanderen, Brussel, en Wallonië.
De belasting op inverkeerstelling
In principe betaalt men de belasting op inverkeerstelling (BIV) voor elke eerste inverkeerstelling van een motorvoertuig op de openbare weg door één welbepaalde persoon. Met andere woorden, ze geldt ook voor de tweedehandsvoertuigen die door de nieuwe eigenaar voor de eerste maal worden ingeschreven.
Er is echter geen belasting op inverkeerstelling verschuldigd voor lichte vrachtwagens en vrachtwagens met een MTM van meer dan 3,5 ton.
De verkeersbelasting: aan te geven “niet-geautomatiseerde” voertuigen
De jaarlijkse verkeersbelasting is een gewestelijke belasting op motorvoertuigen die personen of goederen over de weg vervoeren.
Het is belangrijk te noteren dat het systeem van verkeersbelasting voor voertuigen met een MTM van meer dan 3,5 ton niet automatisch is gekoppeld aan de DIV-database. Vrachtwagens, bussen, landbouwvoertuigen, opleggers en aanhangwagens moeten dus zelf aangegeven worden.
De bedragen van de verkeersbelasting kunnen hier ( Verkeersbelastingen voor vrachtwagens | Vlaanderen.be ) geraadpleegd worden.
Sinds 2016, met de invoering van de kilometerheffing, is het bedrag van de verkeersbelasting vastgesteld op nul euro voor voertuigen met een MTM tussen de 3,5 en 12 ton. Voor de inverkeerstelling op de openbare weg van hun voertuigen met een MTM van meer dan 12 ton, zowel nieuwe voertuigen als tweedehands, moeten Belgische vervoerders spontaan en vooraf een aangifte doen bij hun respectieve gewestelijke administratie.
Zij ontvangen namelijk niet automatisch een uitnodiging tot betaling van de verkeersbelasting na de inschrijving van hun voertuig…
Het verdient eveneens vermelding dat, en dit is op zijn zachtst gezegd betreurenswaardig, de Brusselse fiscale administratie nog steeds van Brusselse transporteurs verlangt dat zij ook de inverkeerstelling aangeven van voertuigen in de categorie meer dan 3,5 ton en minder dan 12 ton MTM. Bij gebrek aan aangifte riskeren deze ondernemingen een jaarlijkse verkeersbelasting opgelegd te krijgen, bovenop de kilometerheffing.
Het niet aangeven van voertuigen die onder de verkeersbelasting vallen, wordt bestraft met een boete die kan oplopen tot het dubbele van het normaal verschuldigde bedrag van de verkeersbelasting. Bovenop deze stevige sanctie blijft uiteraard ook de verkeersbelasting zelf verschuldigd. Voertuigen in leasing
Een belangrijk aandachtspunt is de aansprakelijkheid voor de verkeersbelasting bij geleasede voertuigen. De verkeersbelasting wordt geheven in het gewest waar het voertuig is ingeschreven. Dit kan tot problemen leiden wanneer de leasinggever en -nemer in verschillende gewesten zijn gevestigd. Transportondernemingen dienen af te stemmen met de leasinggever om er voor te zorgen dat de belasting correct wordt betaald in het juiste gewest, om administratieve complicaties te vermijden.
Maatschappelijke zetel of exploitatiezetel Voor transporteurs die hun maatschappelijke zetel in Vlaanderen hebben en een exploitatiezetel in Brussel en/of Wallonië (of omgekeerd), is het belangrijk te weten dat bij de inschrijving van het voertuig bij de DIV een keuze kan worden gemaakt. Voor de verkeersbelasting moet het voertuig vervolgens worden geregistreerd in de regio waar het is ingeschreven.
In de praktijk: Inverkeerstelling (voor “niet-geautomatiseerde” voertuigen)
Alvorens een voertuig op de openbare weg te gebruiken, moet elk voertuig dat in België is ingeschreven, worden aangemeld bij de regionale autoriteiten (VLABEL in Vlaanderen, Fiscalité.brussels in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en SPW - DG07 in Wallonië).
Voor voertuigen (vrachtwagens) of voertuigcombinaties (vrachtwagen/trekker + aanhangwagen/oplegger) met een maximaal toegelaten massa (MTM) van meer dan 12.000 kg, wordt de belasting berekend op basis van het aantal assen van het voertuig en het type ophanging.
De verkeersbelasting is verschuldigd voor de periode van 1 januari tot en met 31 december van elk jaar. In november ontvangt u een uitnodiging om de belasting voor het afgelopen jaar te betalen, die vóór 15 december voldaan moet worden.
De drie gewestelijke belastingautoriteiten sturen vanaf 2024 geen “fiscale zegels” meer naar belastingplichtigen.
Stopzetting van het gebruik van een voertuig in de loop van het jaar:
Bij stopzetting van het gebruik van een voertuig moet dit normaal gesproken spontaan worden gemeld aan VLABEL in Vlaanderen, Fiscalité.brussels in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en SPW - DG07 in Wallonië.
De verkeersbelasting moet dan onmiddellijk worden betaald voor de reeds verstreken maanden.Als u nalaat de stopzetting van het gebruik van een vrachtwagen te melden, loopt u het risico later belastingen te moeten betalen voor een voertuig dat niet langer wordt gebruikt.